Een prentenboek heeft meestal 32 pagina's maar som wordt daar van afgeweken en zijn er boeken met 24, 28 of 40 pagina’s.

Bij het tellen van de pagina’s telt in principe alles mee: de titelpagina, copyrightpagina, schutbladen als die onderdeel van het binnenwerk zijn, het verhaal zelf en eventuele pagina’s achterin. Een prentenboek van 32 pagina’s betekent dus niet automatisch dat je 32 pagina’s verhaal hebt.

Voor een klassiek prentenboek kun je bijvoorbeeld uitkomen op ongeveer 12 tot 15 spreads voor het verhaal. Een spread bestaat uit twee tegenover elkaar liggende pagina’s. Dat geeft genoeg ruimte om tekst en illustraties af te wisselen en zorgt voor een prettig vertelritme.

Laat het aantal pagina’s bij voorkeur niet pas aan het einde bepalen. Bij een prentenboek zijn verhaal, illustraties, paginawisselingen en spanningsopbouw sterk met elkaar verbonden. Soms werkt een zin bijvoorbeeld veel beter wanneer de lezer eerst de pagina moet omslaan voordat de verrassing zichtbaar wordt.

Wil je het boek zelf uitgeven via bijvoorbeeld KDP, IngramSpark of een Nederlandse drukker, dan is het bovendien verstandig om vóór de vormgeving te bepalen welk formaat, bindwijze en aantal pagina’s je wilt gebruiken. Dat voorkomt later onnodige aanpassingen.

Wil je meer weten? Neem dan contact met ons op.